… of van welk ander extern apparaat dan ook om feedback te krijgen van je lichaam.

Ik snap de behoefte. Ook bij mijzelf. In het afgelopen jaar waarin er veel gaande is, waarin er veel gedoe is buiten mij, en ik merk dat ik een paar stapjes hoger op de spanningsladder sta, zou het best fijn zijn als ik wist wáár ik dan precies sta.
Of ik in de gevarenzone sta of nog niet.
Of mijn hartslag goed herstelt na inspanning (een maat voor je conditie), of mijn hartritmevariabiliteit nog voldoende is (een verlaging duidt op teveel stress), of mijn bloeddruk niet te hoog is (kan ook duiden op teveel stress), hoe mijn cortisol levels zijn gedurende de dag (cortisol is een stress hormoon). Want meten = weten. Toch?

Zeker weten

Soms is het zo fijn als je zeker weet hoe het met je is. Of je richting een burn-out gaat en je zeker weet of iets teveel is of niet, of je moet stoppen of best nog even door kunt gaan.
Hoe fijn is het dan als je alleen maar hoeft af te lezen van een scherm hoe het met je gaat. Dat je weet wanneer je een pauze nodig hebt en wanneer je weer voldoende bent opgeladen. Wanneer het de hoogste tijd is om te gaan slapen of wanneer het juist tijd is om in beweging te komen omdat je nog niet aan de 10.000 stappen bent gekomen vandaag.

Maar tegelijkertijd zit het ‘gevaar’ van deze apparaten ook in afhankelijkheid, in het steeds minder aandacht hebben voor en vertrouwen hebben in hét biofeedback instrument dat je altijd bij je hebt: JIJ!

Jij als waarnemer van je lichaam zelf.

Je lichaam als biofeedbackinstrument

Je lichaam weet heel goed hoe het met je gaat. Jij als waarnemer van je lichaam herkent de signalen alleen niet altijd even goed.
Enerzijds omdat je de connectie met je lichaam gaandeweg wat verloren bent. Vaak duw je bewust de signalen uit je lichaam weg, omdat het nu niet uitkomt. Je wilt ze nu even niet zien, niet voelen, “dat komt later wel, nu nog even doorgaan”.
Anderzijds omdat ze, mede hierdoor, gewoon zijn geworden. Wat op zich een goed mechanisme is, want anders zou je gek worden van alles wat je kon opmerken met je zintuigen.
Maar het resultaat is wel dat je lichaamsgevoel steeds verder vermindert.
En zijn het vooral de negatieve signalen die sterk genoeg zijn om opgemerkt te worden.

Lichaamsgevoel verbeteren

Om je lichaam als biofeedback instrument te kunnen gebruiken, is het nodig eerst je lichaamsgevoel te vergroten. Er mag weer vertrouwen komen in je lichaam en het interpreteren van signalen uit je lichaam.

Wat voel je eigenlijk? Merk je spanning in je lichaam? Kan je plekken voelen waar niet zoveel informatie vandaan lijkt te komen, de plekken waar het normaal voelt? Hoe voelt ontspanning eigenlijk? Als je ontspant, kan je dan verschillen voelen? Voel je signalen uit je lichaam als het pauze nodig heeft? Of ben je gewend om door te beuken en signalen te negeren? Kun je misschien wel gaan opmerken dat je hoofd door wil, maar dat je lichaam aangeeft dat het even pauze nodig heeft? Of merk je misschien wel dat je fysieke hoofd eigenlijk ook ontzettend moe is?

Lees zelf je eigen lichaam

Een smartwatch is leuk en al die andere apparaten ook, maar lees vooral ook zélf je eigen lichaam. Met het steeds beter leren aflezen van je lichaam als biofeedback instrument neemt het vertrouwen in je lichaam toe. Komen hoofd en lichaam meer op één lijn. En ontstaat er meer balans.